Waarom alle goede EMVI plannen op elkaar lijken
16 maart 2026
EMVI-plannen lijken vaak verdacht veel op elkaar. Leg een paar inschrijvingen naast elkaar en je ziet dezelfde hoofdstukken, koppen en vaak ook hetzelfde soort maatregelen en formuleringen. Dat roept de vraag op: is dat eigenlijk erg? Het korte antwoord is: nee. Het is geen probleem dat EMVI-plannen op elkaar lijken, maar het is een gemiste kans als dat leidt tot plannen zonder gezicht, zonder keuzes en zonder duidelijk verhaal.
De vraag bepaalt het antwoord
Dat plannen op elkaar lijken is grotendeels het gevolg van het aanbestedingssysteem zelf. Aanbestedende diensten stellen vragen die soms zo specifiek zijn dat er vanzelf een aantal maatregelen uitkomen. Als in een vraag bijvoorbeeld wordt aangegeven dat je moet ingaan op CO₂-reductie, elektrisch materieel en duurzame inzetbaarheid, dan weet iedere inschrijver waar de nadruk ligt. Logisch dus dat veel plannen ongeveer dezelfde onderwerpen behandelen.
Het gemak een vaste structuur
Daar komt bij dat veel EMVI-schrijvers hun plan op een vergelijkbare manier opbouwen. Per vraag werken zij een aantal concrete maatregelen uit, zodat hun antwoord gestructureerd en overzichtelijk blijft. Dat is geen luiheid, maar vooral praktisch. De schrijver houdt grip op zijn verhaal en de beoordelaar kan plannen eenvoudiger naast elkaar leggen. En juist die vergelijkbaarheid is essentieel in een aanbesteding. Het is dus helemaal niet vreemd of erg dat EMVI-plannen qua structuur op elkaar lijken. Het probleem ontstaat pas wanneer de plannen inhoudelijk ook nauwelijks meer van elkaar verschillen, en dat zien we helaas steeds meer.
Het gevaar van het veilige midden
Veel organisaties schrijven hun plan vanuit één gedachte: we mogen geen punten laten liggen. Dus beantwoorden ze netjes alle vragen, en formuleren ze zo veilig mogelijk. Het resultaat is een plan dat inhoudelijk klopt en aan alle eisen voldoet. Alles staat erin, maar het heeft weinig karakter. Alles is goed, maar niets springt eruit.
Hoe geef je je plan meer smoel?
De volgende tactieken helpen:
1. Laat zien dat je het project snapt
Geef kort aan wat volgens jullie de grote uitdaging van deze opdracht is. Niet algemeen (“goede samenwerking”), maar specifiek voor deze opdracht. Als een beoordelaar merkt dat je het project echt hebt doorgrond, krijgt je plan meteen meer gewicht.
2. Durf keuzes te maken
Natuurlijk moet je alle vragen beantwoorden, maar dat betekent niet dat je overal evenveel aandacht aan besteedt. Waar zit volgens jullie het grootste risico of de meeste winst? Leg daar de nadruk op. Dat soort keuzes maken een plan geloofwaardig.
3. Geef je bedrijf een gezicht
Een aanbesteding wordt gegund aan een organisatie, maar het zijn mensen die het werk moeten doen. Laat daarom zien wie jullie zijn als organisatie én wie de sleutelfiguren zijn. Geen marketingverhaal, maar kort waar jullie voor staan en waarom juist jullie kennis, ervaring en mensen passen bij dit project. Zo wordt je plan concreter en wek je vertrouwen.
Herkenbaar én onderscheidend
Dat soort elementen maken een plan niet spectaculair, maar wel herkenbaar en geloofwaardig. De basis blijft hetzelfde: helder, goed onderbouwd en logisch opgebouwd. Maar binnen die structuur kun je wel degelijk laten zien hoe jullie werken, wie het gaat doen en waarom jullie aanpak bij deze opdracht past.
Tenslotte
Ik verwacht dat EMVI-plannen de komende jaren alleen maar méér op elkaar gaan lijken, want de rol van AI in het tenderproces groeit snel. Niet alleen bij het schrijven van plannen, maar ook bij het opstellen van aanbestedingsstukken en het beoordelen ervan. Daardoor worden best practices sneller gedeeld en toegepast, en gaan plannen waarschijnlijk nog meer op elkaar lijken. Wat betekent de opkomst van AI voor aanbestedingsland? Daar gaat mijn volgende blog over. Stay tuned!